Ergens iets van troost.


Ik wil ergens iets van troost vinden voor de rare tijden waarin we zijn terechtgekomen.

Laat ik eerlijk zijn. Misschien dat dat voor lezers de eenvoudigste manier van herkenning oplevert. Ook ik heb last van angst om wat er gaande is. Het virus is onzichtbaar, je weet nooit of je getroffen wordt en als je er al iets van merkt is de besmetting al zover gevorderd dat je lichte of zware klachten krijgt. Eén positieve test en je weet het zeker.

Natuurlijk heb ik last van de inperking van de ‘vrijheden’ die we vroeger voor vanzelfsprekend aannamen. De lockdown gaat iemand in de koude kleren zitten. Het verplicht dragen van mondkapjes in openbare ruimtes en winkels doet wat met ons allemaal. De dagkoersen van oplopende of mondjesmaat zakkende besmettingscijfers maken indruk op ons allemaal. We komen vanuit een maatschappij waar het normaal was om elkaar een hand te geven bij kennismaking of ontmoeting. In sommige vriendenkringen was het gebruikelijk elkaar een stevige omhelzing te geven. Een vriendschappelijke embrassement. De vreugde van het elkaar ontmoeten werd daarmee nog eens met een intieme handeling onderstreept. Maar in de huidige situatie zijn al dat soort prettige uitingen verbannen uit ons sociale handelen. We moeten afstand houden omdat we de ander niet onvermoed zullen besmetten. We moeten afstand houden om onszelf te beschermen. En dat doet iets met ons allemaal. We gaan een ander zien als ene potentieel besmettingsgevaar. En dat vergt een andere houding van ons. Niet van enkele groepen die risicodragend zouden zijn maar van ons allemaal. We zullen ons moeten houden aan de maatregelen die op grond van een deskundig advies ons worden aangeraden of zo je wilt tijdens een persconferentie zijn opgedragen. Ook dat vraagt van ons als Nederlanders een nieuwe houding. Een waar we niet zo goed in zijn. Namelijk je voegen naar de afgesproken regels. Een poos terug las ik het boek De Pretparkgeneratie van Arjan van der Ley en daarin kwam ik een zeer lezenswaardige uiteeenzetting tegen van hoe wij als Nederlanders ons ontwikkeld hebben van een volgzame natie naar een natie met een “Dat bepaal ik zelf wel.” Mentaliteit. Ik zou het iedereen aanraden dit boek eens te lezen. Het is die zelfingenomen houding die ons steeds nadeliger parten zal gaan spelen in onze strijd tegen het Coronavirus. Sla de kranten er maar op na en lees dat eigenlijk ieder weekend de politie wel ergens illegale feestjes moet opbreken en aanwezige deelnemers een boete moet opleggen. We zijn inmiddels een volk van beter weters geworden die zonder kennis van zaken belangrijke adviezen naast zich neer legt. Inderdaad het adagium “Dat bepaal ik altijd nog zelf wel.” Of met andere woorden het bagatelliserende :”Och, dat moet toch kunnen.” Wordt onze grootste valkuil. Ik heb de laatste dagen zitten denken. Als iedereen zich een maand lang volstrekt aan de regels zou houden, binnen zou blijven, geen bezoeken elders aflegt. Thuis uitziekt of onder deskundige verzorging in een ziekenhuis. Dan moet het virus toch te stoppen zijn. Wanneer het virus niet meer kan overspringen op anderen, kan het zich niet meer verspreiden of muteren. Maar goed dit idee is momenteel een tot mislukken gedoemde science fiction variant. IK wil terug naar de troost. Daar begon ik mee. De samenleving en onze sociale omgang verandert. Wat kan ik hiervan leren? Dat is nu mijn centrale vraag. Wat leer ik van deze rare tijd. Op persoonlijk vlak leer ik geduld hebben, ik leer wachten. Ik leer mijzelf te vermaken, opnieuw. Ik leer mij over te geven aan verveling. Ik leer dat er weer meer TV wordt gekeken. (Lees de kijkcijfers maar) Ik zie dat er nieuwe projecten ontwikkeld worden. Online varianten van voorheen live evenementen zoals Noorderslag en De Vrienden van Amstel live met onverwacht grote belangstelling en een groter bereik dan tijdens de live evenementen. Ik leer opnieuw lezen, een echt boek te pakken en er de tijd voor te nemen. Ik leer hoe digitaal onderwijs een grote vlucht neemt en bij elke nieuwe lockdown een verbeterstap maakt. Natuurlijk het haalt het niet bij de directe ontmoeting van mensen onderling met de daarbij behorende dynamiek maar toch. Het wordt wel steeds beter. Ik zie de kleine komedie met alternatieve projecten komen om artiesten toch een publiek te gunnen en speeltijd. Zodat ze bezig kunnen blijven met het uitoefenen van hun vak.

Ik leer dat er vaccins zijn ontwikkeld in een beperkte tijd omdat bij alle partijen de urgentie gezien werd en de focus daarop kwam te liggen. Daarin laat de mens zien dat ze kan samenwerken wanneer de urgentie maar hoog genoeg blijkt.

Ik leer ook dat er een kleine groep is die consequent blijft volharden in :”Dat bepaal ik zelf.” en het is die kleine groep die straks enkel voort mag leven op de genade van het feit dat ze inmiddels omringd zijn door een grote gemeenschap die zich wel heeft laten inenten tegen het virus. Wie er het bangst geweest is laat zich raden.

Gepubliceerd door JUKODEVRIES

FOOLISH SINNER AND POET FOR THE KING

%d bloggers liken dit: