Triest


19 december. Een trieste dag waarin weer veel onvermoed leed is boven komen drijven.

Bram van der Vlugt overleden. De sinterklaas van mijn jeugd. Herinneringen komen boven van de Sint die met zijn rijzige kalme gestalte als goedheiligman de kinderen op hun gemak stelde voor het grote feest. Daar waar door het thuisfront nog naastig werd ingezet op Sinterklaas als corrigerende kracht om je geweten te ontwikkelen ging Bram er in zijn rol heerlijk mee op de loop. Daarmee ook de angel halend uit veel kinderangsten die er bij mij toch ongemerkt in konden sluipen in die decembermaand. Startten we dit jaar 2020 met het verlies van Aart Staartjes, ook een jeugdheld. Eindigen we 2020 min of meer met een gelijkwaardige jeugdheld . Dan zijn er ook jonge ouders die plotseling hun kind verliezen. Ik ben in gedachten bij hen, hoewel ik ze niet persoonlijk ken. Zo’n bericht hakt er altijd in. Temidden van al deze zwaarte zitten we in de adventsweken, verwachten en herdenken de kerstboodschap van oude tijden. De geboorte van Christus, als Heiland en redder van de wereld. Dat bracht mij tot dit gedicht.

Op kraamvisite bij de Messias

Blijkt geen makkelijke zaak

Ik ruik naast het stro en mest van os en ezel,

De penetrante geur van mijn eigen ijdelheid.

Ik was mijn weg behoorlijk kwijt.

Wat dreef mij hier naar toe?

Waarom ben ik kerk en kansel zo verschrikkelijk moe?

Maar kan me heerlijk laven in de lichtkring van dit tafereel?

Aan het eerder roepen van mijn naam geef ik geen gehoor,

maar loop eenzaam en alleen.

raap een steen, zoek tevergeefs

Naar een plek om neer te leggen zoals men wel op graven doet.

Ik zoek naar woorden om iets moois te zeggen

Kan me enkel nog maar schamen voor

hoe ik mijn weg heb afgelegd.

Hoe, vraag ik Hoe?

Hoe kom ik na zoveel jaren zwerven door dit leven

In een stal in bethlehem terecht?

Is dit mijn koning?

Is dit de schepper van het al?

Is dit de morgenster die stralen zal?

Aan het einde van de tijd?

Ondertussen sta ik weer buiten.

En begin te huilen naar de maan en weet

wanneer de nacht ten einde raakt

Het licht het duister overwint

Ik nooit meer dezelfde zijn zal

Waarlijk ik ben iets nieuws onder de Zon

Ik ben herboren in dit kind.

Gepubliceerd door JUKODEVRIES

FOOLISH SINNER AND POET FOR THE KING

<span>%d</span> bloggers liken dit: